Vsevolod Zaderatsky, componist (1891-1953)

V.P.Zaderatsky

Vsevolod Petrovitsj Zaderatsky werd geboren op 21 december 1891 in Rovno. Zijn vader was directeur van de Zuid-Westerse Spoorwegen en voor een korte periode een medewerker van de minister van communicaties. Aan het eind van zijn leven werkte hij als hoofd van de transportafdeling aan het Polytechnische Instituut in Kiev. Zaderatsky’s moeder Maria stamde uit een verarmd aristocratisch Pools geslacht. Ze gaf haar kinderen Vsevolod en Vera hun eerste muzieklessen. Vsevolod Zaderatsky

Na zijn gymnasiumstudie in Koersk vervolgde de toekomstige componist zijn opleiding aan de rechtenfaculteit van de Universiteit van Moskou. Tegelijkertijd studeerde hij compositie, orkestdirectie en piano aan het Conservatorium. In 1915-16 was hij ook muziekleraar van tsarevitsj Aleksej, de zoon van de laatste Russische tsaar Nikolaj II. Tijdens de Eerste Wereldoorlog was Zaderadsky gemobiliseerd. Na de Revolutie van 1917 vocht hij aan de zijde van generaal Denikin in het Witte leger.

Pas in 1923 kreeg Zaderatsky de kans om zijn conservatoriumstudie, ooit begonnen bij Sergej Tanejev en Michail Ippolitov-Ivanov, af te ronden. Hij trad regelmatig als concertpianist op en begeleidde de beroemde operazanger, de bas Grigori Pirogov.

In 1926 werd hij voor het eerst gearresteerd. Na zijn gevangenschap in Rjazan bleek dat alle zijn werken waren vernietigd. Drie jaar later kreeg Zaderatsky de toestemming om naar Moskou terug te komen. Vanaf 1930 werkte hij voor de radio en werd lid van de Associatie voor Hedendaagse muziek. In deze jaren schreef hij zijn inmiddels verloren opera Bloed en steenkool, de Symfonie Fundament, pianocycli Microben van lyriek (1928), Schrift met miniaturen (1929), Porseleinen kopjes (1932), Lyrische sinfonietta (1932) en de vocale cyclus Grotesk van Ilja Selvinsky voor bas (1931). In 1934 werd hij beschuldigd van formalisme en verbannen naar Jaroslavl. Daar schreef hij drie Symfonische plakkaten, zijn opera Valenciaanse weduwe, twee kamersymfonieën, de cyclus met 24 preludes (1934-34), liederen en de vocale cyclus De profundis.

In maart 1937 werd Zaderatsky weer gearresteerd en veroordeel tot zes jaar strafkamp zonder recht op correspondentie. Twee jaar later werd hij echter vrijgelaten. In de Sevostlag componeerde hij zijn cyclus van 24 Preludes en fuga’s voor piano.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog woonde de componist met zijn gezin in Kazachtstan en in Krasnodar. Daar schreef hij zijn oorlogsoratorium Zoja, vocale Poeme over een Russische soldaat, een liederenbundel Oorlogsadem en de pianosuite Front. Vanaf 1945 woonde Zaderatsky achtereenvolgens in Zjytomyr, Jaroslavl en Lviv. In deze laatste stad gaf hij les aan het plaatselijke conservatorium. Tot zijn laatste composities behoren een concert voor domra en orkest, symfonie in d klein, een concert voor viool en orkest en een koorsuite. Hij stierf in de nacht van 1 februari 1953. kaft V.Zaderatsky

Zijn zoon, musicoloog en professor aan het Conservatorium van Moskou Vsevolod Zaderatsky (1935) publiceerde in 2009 het boek ‘Per aspera…’ over het leven en de muziek van zijn vader.  (Olga de Kort, 2016; gepubliceerd in het programmaboekje ‘Vsevolod Zaderatsky. 24 Preludes en fuga’s, 1937-1938. Jascha Nemtsov, piano. Uilenburger concert – Leo Smit Stichting, Amsterdam, 14 maart 2016).

Zaderatsky, Amsterdam, 14.03.2016_001Zaderatsky in Nederland:

Geen dag zonder muziek (PianoBulletin, 2-2016) ⇒ CD 24 Preludes en Fuga’s door Jasha Nemtsov, piano ⇒ Interview met Jascha Nemtsov over 24 Preludes en Fuga’s van V.P.Zaderatsky; ⇒ Vsevolod Vsevolodovitsj Zaderatsky over 24 Preludes en Fuga’s van zijn vader; ⇒ Uitgelicht: Jascha Nemtsov speelt 24 Preludes en Fuga’s van Vsevolod Zaderatsky, 14 maart 2016, Amsterdam.